Posts tonen met het label Algemeen. Alle posts tonen
Posts tonen met het label Algemeen. Alle posts tonen

zaterdag 31 januari 2015

Waarom ultra's geen leeghoofden zijn

Een spandoek, meer hadden de ultra's van Standard niet nodig om het land heel even in vuur en vlam te zetten. Een hoopje plastiek waar de brave belastingbetaler zich serieus in verslikte. Hypocriete verontwaardiging of net die ene brug te ver?

Moest Vincent Van Gogh even de tijd genomen hebben om vanuit de hemel naar de westrijd Standard-Anderlecht te kijken dan zou hem ongetwijfeld ook dat spandoek met als opschrift 'Red or Dead' zijn opgevallen. Je kon er dan ook moeilijk naast kijken. Los van de inhoud zal enkel een blinde niet meteen bevestigend knikken en toegeven dat het best een mooi gemaakt doek was.  De persiflage uit Friday the 13th was tot in detail nagemaakt, enkel ter hoogte van het afgehakte hoofd permiteerden de vurigste supporters van Sclessin zich wat meer artistieke vrijheid .

De ultra's Inferno houden wel van wat provocatie

Als het aankomt op tifo's en choreografiën dan speelt Standard in Europa in de Champions League. Tot ver buiten de landsgrenzen dwingen hun ultra's respect af met hun knappe acties. Hun filmpjes en foto's worden dan ook gretig gedeeld en geliked op de sociale media. Het zuiders temperament dat deze supporters aanhangen ligt de Belg veel minder.  Het zijn immers toch alleen maar leeghoofden met veel te veel vrije tijd. Die perceptie kwam heel nadrukkelijk bovendrijven na het uitpluizen van de sociale media. Een nogal voorbarige conclusie, want om zo'n tifo voor elkaar te krijgen in het grootste geheim heb je best wat stielkennis nodig. Stielkennis die in overvloed aanwezig is bij de Ultras Inferno, een verzamelnaam voor de Luikse ultra's op tribune 3. Verder heb je ook nog PHK, die zich schuilhouden op tribune 4 en ook geregeld uitpakken met een, zij het meestal iets bescheidener, tifo. Neen leeglopers zijn het allerminst die ultra's. 

"Ultra's zijn in feite de vakbonden van de tribunes"
Een van de meest fundamentele vragen bleef de afgelopen dagen zo goed als onbeantwoord in de Belgische pers. Wie of wat zijn ultra's en wat drijft hen? Uitgeroepen tot vijand van het goed fatsoen en bondgenoot van de wansmakelijkheid. Maar laten we dan tenminste de moeite nemen om onze 'nieuwe vijand' te leren kennen. Know Your Enemy, weet je wel.  De term ultra's gaat al een hele tijd mee in het voetbal. Al in de jaren 60 ontstonden er kleine groeperingen in Italië die zich specifiek gingen bekommeren om het bevorderen van de sfeer in het stadion. Dat is simpel gezegd ook het belangrijkste bestaansrecht van de ultra's. Je kan ze beschouwen als de harde kern die onvoorwaardelijke trouw zweert aan de club. Wil je weten waar de ultra's zich bevinden in het stadion? Dan bestaat daar een eenvoudig trucje voor. Deze supporters zingen namelijk de hele wedstrijd door, ongeacht het scoreverloop. Zelfs als de tegenpartij scoort blijven zij even passioneel verder zingen.  Of misschien had je ze wel al herkend door de vele vlaggen en bandieri die ze zelfs tijdens de wedstrijd gebruiken? Als er ultra's aanwezig zijn in het stadion dan zul je ze zien en horen. 

Ideologie
Niet elke club beschikt over ultra's. In België zijn de clubs met een fatsoenlijke groepering ultra's op één hand te tellen. Ze zijn voornamelijk gesitueerd ten zuiden van de taalgrens. Standard Luik heeft de grootste groep ultra's in België. Ook Charleroi en Genk staan bekend om hun ultra's. En ook Anderlecht heeft sinds kort zijn eigen ultra's.  Er valt overigens een opvallende parrallel te trekken tussen deze clubs. De laatste jaren kwamen ze geregeld in het nieuws omwille van protestacties tegen het bestuur.  De opstand van Tribune Zuid, waar tot voor kort de ultra's van Genk zaten, tegen het Genkse bestuur deed al enkele koppen rollen (Degraen, Jacobs). Al lijkt de rust er nu stilaan terug te keren. Ultra's zijn voor veel clubbestuurders een vervelende "pain in the ass".   Wanneer het sportief goed loopt met de club zijn deze mensen je beste supporters, maar gaat het slecht en ligt wanbeleid aan de basis dan zijn ze evengoed je ergste vijand. Ultra's zijn steeds rechttoe, rechtaan. Geen hypocrisie, maar steeds vechtend voor hun idealen. Het beste voorbeeld is misschien wel de recente strijd van Tribune Zuid tegen het vorige bestuur in Genk. Die strijd  duurt (duurde??) uiteindelijk enkele jaren, waarbij de ultra's verschillende malen ten prooi zijn gevallen aan repressies vanuit het bestuur, waarop dan represailles volgden door de ultra's zelf. Hun clubtrouw bleef daarbij steeds overeind ook al betekende het dat zij bij wijze van protest verschillende wedstrijden zichzelf het zwijgen hebben opgelegd. De ijzige stilte tijdens Genk-Westerlo dit jaar, toen Tribune Zuid in staking was, zal me altijd bijblijven. Deze mensen vormen, hoe je het ook draait of keert, de ruggengraat van deze club. Door gewoon al niet te zingen kunnen zij hun invloed uitoefenen. Je mag de macht van deze ultra's niet onderschatten. 

Zijn ultra's echt barbaars en wreed? Losgeslagen hooligans die slaan op alles wat hen niet aantstaat? Dat valt in feite wel mee. Ultra's zijn absoluut geen heiligen en schuwen van tijd tot stond ook het geweld niet. Maar zij gaan in tegenstelling tot echte hooligans niet expliciet op zoek naar  dat geweld. Het belangrijkste is en blijft het aanmoedigen van de eigen club. Zoals hierboven reeds aangehaald staan ultra's voor bepaalde idealen. Meestal zijn die idealen gerelateerd aan het voetbal. Het recht op vrije tribunes is een ideaal waar ultra's wereldwijd voor strijden. Dit houdt onder meer in dat het gebruik van pyrotechnische middelen, vlaggen, megafoons ed. wordt toegestaan. Zij leveren verder ook strijd tegen te hoge toegangsprijzen. In feite komen zij dus op voor de gewone supporter. Ultra's zijn de vakbonden van de tribunes. Duitse clubs hanteren juist zeer democratische toegangsprijzen omdat Duitsland zowat het mekka is van de ultra-beweging in West-Europa. Engeland, een land zonder ultra's, op Crystal Palace na, hanteert dan weer exuberante toegangsprijzen. Ultra's hebben de afgelopen jaren al verschillende malen de handen in elkaar geslagen tegen wat zij het 'moderne voetbal' noemen. Wie regelmatig een wedstrijd in het stadion meepikt zal ongetwijfeld al een van de vele stickers gezien hebben met het opschrift  'Against Modern Football'. In 2012 hielden de Duitse ultra's een gezamelijke actie om de verstrengde veiligheidsvoorschriften in de stadions aan de kaak te stellen. Niet zonder succes, want het idee om af te stappen van de staanplaatsen in Duitsland is ondertussen naar de prullenmand verwezen.

Ook op maatschappelijk vlak is de invloed van deze ultra's toch niet te onderschatten. Hun ideologische rechtlijnigheid maakt hen niet ongevoelig voor sociaal onrecht. Toch gaan veel groeperingen er prat op politiek neutraal te zijn en worden politieke symbolen niet, of nauwelijks geaccepteerd in het stadion. Ultra's zijn van oorsprong eerder links georiënteerd. Het is bijvoorbeeld niet ver zoeken naar een beeltenis van Che Guevara in en om Sclessin. En ook in de tifo's van Ultras Inferno kwam de vrijheidsstrijder al meermaals aan bod. In Italië heb je ook voorbeelden van rechts georiënteerde groepen. De Ultras Sur van Real Madrid staan bijvoorbeeld gekend om hun licht neo-fascistische ideologiën. Real Madrid is ze dan ook liever kwijt dan rijk. De Arabische Lente was er misschien wel nooit gekomen zonder ultra's. Zeker in Egypte staan deze groeperingen als een sterk blok in de maatschappij. Het was pas toen de ultra's van Al Alahwy en Zamalek de handen in elkaar sloegen dat de opstand tegen Moebarak in een stroomversnelling is gekomen. En ook in Turkije en Oekraïne hebben spelen ultra's een voorname rol in straatprotesten. Los van het feit of de 'red or dead' tifo op het randje was of er net over zijn ultra's veel meer dan een bende nietsnutten, die werkloos zijn en bijgevolg veel te veel vrije tijd hebben om aan tifo's te werken. Een beetje meer respect voor deze mensen is dus zeker op zijn plaats.

donderdag 13 november 2014

Onontgonnen potentieel

Wie aan topsport doet doet dit meestal niet voor de centen. Afgezien van de weinige grootverdieners in de sport zijn er veel atleten die moeten knokken om rond te komen. In hun jacht naar medailles en het vervullen van hun dromen liggen tal van financiële obstakels. De knagende onzekerheid over wat de toekomst brengt kruipt bij sommige atleten dan al snel in het hoofd en de benen.

Aanleiding tot het schrijven van dit blogbericht is het niet verlengen van het contract van Jeroen D'hoedt bij Atletiek Vlaanderen. Nochtans wordt D'hoedt in het communiqué dat hiertoe werd verstuurd omschreven als een diamant met een schitterende ontwikkelingslijn. De nagel op de kop als je naar zijn prestaties van het afgelopen jaar kijkt. Heersend in de Crosscup, 4de op het EK cross en half mei stak hij al overtuigend de limiet voor het EK op de 5.000 meter op zak. Een schaambeenblessure hield D'hoedt uiteindelijk weg uit Zürich.  D'hoedt kende de afgelopen jaren een moeilijke periode en leek er opnieuw bovenop te komen. Het topsportbeleid in Vlaanderen kent geen mededogen. Er worden prestaties gevraagd en haal je die niet dan kom je onherroepelijk op de wip. Atletiek Vlaanderen is een project binnen het Vlaamse topsportbeleid dat sinds 2008 is onderverdeeld in het Departement Cultuur, Jeugd, Sport en Media.  Atletiek Vlaanderen werd destijds in het leven geroepen om ons land opnieuw te doen aansluiten met het roemruchte verleden op de fond en de halve fond. Het ontbinden van het contract van een van onze beste atleten in die discipline staat dan ook haaks op die visie. Zeker als je weet dat van de 6 nieuwelingen die het team in 2015 vervoegen er met Kimeli en Botterman slechts twee specialisten op 800 en 1500 bij komen.

Zelfredzaamheid
Het was een wanhopige D'hoedt die afgelopen zondag zijn verhaal deed in de Zevende Dag. Een kreet van wanhoop, waarmee hij hoopt alsnog privé-sponsoring te vinden. In het andere geval moet D'hoedt terug naar de tekentafel om na te denken over zijn toekomst als professionele atleet. Misschien moet D'hoedt maar eens te rade gaan bij Delfine Persoons. De West-Vlaamse verdedigde op Wapenstilstand met succes haar wereldtitel boksen bij de lichtgewichten. Persoons combineert haar sport met een fulltime job bij de politie en slaagt erin te presteren op topniveau. Daarvoor moet ze zich wel veel opofferingen getroosten. Zo zijn er maanden dat ze 29 dagen werkt om voor en na haar kampen genoeg verlof te kunnen opnemen. Met een gezonde dosis creativiteit en zelfredzaamheid kom ja als topsporter al een heel eind. Onze atleten moeten zichzelf in de toekomst beter verkopen en niet enkel rekenen op een contract bij Bloso.  Neem nu Nick Symmonds. Deze Amerikaanse atleet was het 2 jaar geleden zo beu om maar geen geen kledingsponsor te vinden dat hij halfnaakt een oproep lanceerde op Twitter. De tweet werd massaal gedeeld en Symmonds ligt nu onder contract bij Brooks.  Sociale media maken het voor topsporters mogelijk om direct in contact te treden met hun volgers en supporters. Er liggen op dat vlak  heel wat kansen voor het grijpen die je marktwaarde voor potentiële sponsors kunnen verhogen. En ook crowdfunding is een piste die op die manier een stapje dichterbij komt. Want wanneer mensen enkele euro's doneren willen ze daarvoor return in de plaats en is er voor privacy nog maar weinig plaats. Als topsporter ben je meer dan ooit een publiek figuur en als deze opofferingen ervoor kunnen zorgen dat je op professionele basis kan blijven presteren is het zeker het overwegen waard.

"Anno 2014 zijn we echter geëvolueerd naar een kluwen aan statuten en een versnippering van bevoegdheden waarin zelfs een kat haar jongen niet meer kan vinden." 

Tax Shelter
Toen men tien jaar geleden met de Tax Shelter voor de audiovisuele sector op de proppen kwam was dat een godsgeschenk waar de Belgische filmindustrie vandaag de vruchten van plukt. We scoren niet voor niets zo goed op internationale filmfestivals. Sinds de invoering van het systeem in 2003, waarbij bedrijven die investeren in Belgische films een belastingvermindering tegemoet zien tot 150 procent op het geïnvesteerde bedrag, groeide het aantal producties met maar liefst 250 procent. Een parallel systeem voor topsport is geen garantie voor succes maar zou voor heel wat atleten een stevig duwtje in de rug kunnen betekenen. Helaas wordt ook deze fiscale gunstmaatregel maar al te graag gebruikt in de jacht naar winstmaximalisatie. Bedrijven eisen in sommige gevallen zelfs een rendement voor hun investering. Dat kan de sportwereld deze bedrijven jammer genoeg niet bieden. Het enige rendement zijn eventuele medailles op kampioenschappen. Toch hoeft dat bedrijven er niet van te weerhouden te investeren in team X of atleet Y. Stel, als manager van een succesvol vleesverwerkend bedrijf zou ik graag investeren in de carrière van D'hoedt. Dankzij het systeem van de Tax Shelter zou ik bij een investering van 50.000 euro een vrijstelling krijgen op 750.00 euro gereserveerde winst. Met het gangbare tarief van 33,33 procent vennootschapsbelasting komt dit neer op een besparing van 25493 euro. In feite investeert die bedrijfsleider dus slechts 25000 euro. Een wetgevend kader specifiek gericht op topsport kan ervoor zorgen dat we binnen dit en 10 jaar richting 10 medailles gaan op de Olympische Spelen. Hoe je het ook draait of keert; succes in de sport en geld hebben een sterke aantrekkingskracht tot elkaar.

Dit blogbericht neigt stilaan naar doemdenkerij, al heeft het huidige topsportbeleid toch ook enkele
Jan Van Den Broeck is profatleet bij Defensie
verdiensten. Het op poten zetten van een volwaardig sociaal statuut voor atleten begin jaren 90 heeft zeker zijn verdiensten. Anno 2014 zijn we echter geëvolueerd naar een kluwen aan statuten en een versnippering van bevoegdheden waarin zelfs een kat haar jongen niet meer kan vinden. Hieronder volgt een kort overzicht van enkele statuten waar topsporters aanspraak op kunnen maken. Positief aan het systeem is de mogelijkheid om topsport te combineren met hogere studies. Het Topsportbeleid is voor de volledigheid overigens een regionale bevoegdheid. Het Bloso-Topsportenstudentenproject geeft beloftevolle topsporters de kans om zelf te ontdekken of een carrière in de topsport voor hen is weggelegd. Tot 21 jaar kunnen studenten genieten van 400 euro onkostenvergoeding per maand en kan er worden geschoven met lessenroosters in functie van wedstrijden. Vanaf 21 jaar kunnen zij eventueel rekenen op een bruto jaarsalaris van 25.000 euro. Het meest begeerd is de Tewerkstelling bij Bloso. Dit houdt een fulltime ondersteuning in op weg naar het beoogde doel. Hierbij wordt voornamelijk de klemtoon gelegd op de 10 focussporten die vastgelegd zijn in de ontwerptekst Topsportactieplan Vlaanderen III 2013-2016. Deze sporten zijn onder meer zeilen, judo, atletiek, gymnastiek.... Een Bloso-contract is voor elke topsporter de heilige graal omdat ook je trainingsstages worden bekostigd. Bekendste topsporter met zo'n Bloso-contract is Hans Van Alphen. Een speciale commissie beslist wie al dan niet een contract in de wacht sleept.  Daarnaast kunnen atleten ook opteren voor een statuut als topsporter bij Defensie. Zij combineren hierbij een job in het leger met hun topsportcarrière en krijgen hierbij alle faciliteiten om te trainen. Vaakst gehoorde kritiek hierbij is dat dit systeem voornamelijk de 'mindere goden' aantrekt die niet in aanmerking komen voor een fulltime contract bij Bloso. Men wil op termijn dan ook af van het systeem. Verder is er nog de mogelijkheid om via een omweg langs het Departement Cultuur, Jeugd, Sport en Media een contract in de wacht te slepen. Concreet gaat het dan om Atletiek Vlaanderen en het Topsport-Vlaanderen wielerteam. Deze versnippering en gegoochel met instanties maakt dat er van een coherent topsportbeleid weinig sprake kan zijn ondanks de goede intenties.

 Als professionele sporter, die niet het geluk heeft om in een telegenieke sport als het wielrennen of het voetbal terechtgekomen te zijn, is het een continue 'struggle for life".  Het staat iedere atleet vrij om zijn eigen sportieve droom na te jagen. Bij deze een oproep aan iedere professioneel bedreigde topsporter met potentieel. Grijp je kans, 'think out of the box'. Gooi die oogkleppen weg en vecht voor je carrière. Hoe mooi zou het zijn moest D'hoedt zijn criticasters lik op stuk geven en in Rio een finale lopen op de 3.000 meter steeple.

maandag 16 juni 2014

De fantastische kant van de FIFA World Cup

Leek de wereld maar altijd op de FIFA World Cup. Met deze boodschap maakt de FIFA reclame voor het vierjaarlijkse voetbalfestijn dat nu doorgaat in Brazilië. Los van de heersende corruptie bij deze organisatie, zie bericht hieronder, zou dat misschien niet eens zo slecht zijn, toch?

Toen ik met bovenstaande geconfronteerd werd tijdens de rust van Spanje-Nederland reageerde ik in eerste instantie verbolgen.  Waarom moest de wereld meer gaan lijken op de FIFA World Cup?  Nota bene het absolute toonbeeld van corruptie en hoogheidswaanzin. Neen, bedankt daar pas ik wel voor. In zo'n wereld wil ik niet leven. In eerste instantie vond ik het dan ook wansmakelijk dat juist de Fifa uitpakt met deze boodschap. Van het begeleidende reclamefilmpje, dat enkele voetballende kinderen toont van over de hele wereld, werd ik ook al niet veel vrolijker. En ook het officiële WK-lied, We are One, blinkt uit in meligheid en wil een te geforceerd beeld van samenhorigheid en verbroedering oproepen. Deze stereotypes geven de Fifa een haast menselijk flatterend kantje. Marketingtechnisch verdomd slim bekeken. 

Blijft de kernvraag of de wereld gedurende deze 4 weken nu echt een betere plaats is om in te leven? Na 5 dagen te hebben geleefd in WK-modus moet ik schoorvoetend toegeven dat men bij de Fifa wel eens gelijk zou kunnen hebben. Zo merkte ik plots een hevige opstoot van vaderlandslievende gevoelens bij een van mijn buren, die zijn huis aan het versieren was met tricolore vlaggen. Deze anders zo nuchtere mensen lieten hun sérieux even voor wat het was en zijn klaar om zichzelf te verliezen in een rollercoaster aan emoties. Ik kon een glimlach niet onderdrukken toen ik het zag.  
"We lijken voor heel even vrede te nemen met de ondraaglijke lichtheid van het leven en er verder geen vragen bij te stellen." 
Ook op sociale media laten mensen zich helemaal gaan. Profielfoto's en hoofdingsafbeeldingen kleuren bloedrood. Ook wie deze dagen een winkel binnenstapt kan er niet omheen. Merchandising in alle vormen en maten zullen de komende weken uw pad kruisen. Bij de bakker gaat het gesprek niet meer over Rosse Rita die alweer een scheve schaats heeft gereden, maar wordt er gepalaverd over de winstkansen van Wilmots en de zijnen. We lijken voor heel even vrede te nemen met de ondraaglijke lichtheid van het leven en er verder geen vragen bij te stellen. Ver weg van alle miserie waar we in het dagdagelijkse leven mee geconfronteerd worden. Verstand op nul, genietend van wat komen gaat en de talloze feestjes die er nog in het verschiet liggen moesten de Belgen ver kunnen doorstoten in het tornooi. Wat was dat absurde idee van Blatter weer? Een intergalactisch kampioenschap? Laat maar komen. 

maandag 19 mei 2014

De 20 km door Brussel, dodelijk vermoeiend

Opnieuw viel er dit weekend een dode te betreuren tijdens de 20 km van Brussel. Al het derde dodelijke slachtoffer op vier jaar tijd. Daarnaast werden ook nog eens een handvol mensen opgenomen in het ziekenhuis na een hartinfarct. De roep om verandering klinkt opeens wel heel luid in Brussel.

Net voor de finish stuikte een 28-jarige man in elkaar. Een hartaanval  was de journalist bij de krant Le Soir fataal geworden. Het begint stilaan een kwalijke traditie te worden, maar dan eentje waar best niet te licht overheen wordt gegaan. Tijd dus voor actie. 

 Hitte
Wat maakt de 20 km door Brussel zo dodelijk? Er zijn tal van factoren die hier een bepalende rol spelen. Eerst en vooral is het weer hier de grote boosdoener. De wedstrijd wordt traditioneel gelopen op de laatste zondag van mei. Dan kunnen de temperaturen al aardig oplopen, zoals gisteren het geval was. Ook het feit dat mensen elkaar haast voor de voeten lopen zorgt ervoor dat de gevoelstemperatuur nog net iets hoger komt te liggen. Een hartinfarct is in de meeste gevallen de optelsom van tal van factoren zoals vermoeidheid, oververhitting en een verstoorde vochtbalans. Zeker bij warm weer onderschatten veel mensen het belang van een goede hydratatie. Door uitdroging loop je het risico dat het hart aan capaciteit verliest  net op een moment dat je lichaam in overdrive gaat. 

Afstand
Ook de afstand is een bepalende factor. De meeste lopers doen gemiddeld genomen ruim langer dan 1,5 uur over 20 kilometer. Uit onderzoek blijkt dat een afstand boven de 17 kilometer voor veel mensen een natuurlijke barrière vormt. Het mag dan ook niet verbazen dat het 28-jarige slachtoffer uit Henegouwen net voor de eindstreep het bewustzijn verliest en niet bij kilometerpaal 14. Veel deelnemers dienen tot het uiterste van hun kunnen te gaan enkel en alleen al om de wedstrijd te voltooien. Dat is ook de reden dat de Antwerp 10 Miles vooralsnog gespaard is gebleven van dodelijke slachtoffers. Die 16 kilometer is ook voor ongetrainde atleten nog net haalbaar. Al helpt het natuurlijk ook dat de 10 Miles midden april plaats vinden wanneer de temperaturen om te lopen draaglijk zijn.

"Het begint stilaan een kwalijke traditie te worden, maar dan eentje waar best niet te licht overheen wordt gegaan."
Parcours
Een derde oorzaak is de aard van het parcours. Wie ooit al eens in en om Brussel gelopen heeft zal vast en zeker het stevige niveauverschil tussen het noorden en het zuiden van de stad al hebben opgemerkt. Datzelfde hoogteverschil zorgt er ook voor dat er nooit echt scherpe tijden worden gelopen bij de marathon van Brussel. Het zwaartepunt in deze race bevindt zich in de eerste 7 kilometer, waar de lopers enkele pittig beklimmingen krijgen voorgeschoteld. Hierdoor stapelt de vermoeidheid zich al vroeg in de wedstrijd op. Dit gecombineerd met de warmte en de afstand zorgt ervoor dat veel mensen over hun limieten gaan met alle gevolgen van dien. 

Deelnemersveld

Het pittige profiel van de 20km van Brussel
Een laatste factor is de samenstelling van het deelnemersveld. Probeer als recreatieve loper maar eens een van de 35.000 startbewijzen te bemachtigen? Veel kans dat het je niet lukt. Dit komt doordat veel startnummers worden opgekocht door grote bedrijven die er een soort uitstap van maken. Ook een groot deel van het Vlaamse, Belgische, Brusselse en Europese ambtenarenkorps neemt bijvoorbeeld ieder jaar deel aan de wedstrijd. En daar zit nu net een stuk van het probleem. Deze vaak ongetrainde deelnemers zien de 20 kilometer meer als een tussendoortje. Vaak starten ze de wedstrijd zonder specifieke voorbereiding, maar wel met de competitieve instelling van een olympische atleet . Want natuurlijk mogen de collega's niet voor mij eindigen in de einduitslag.  Dit soort van haantjesgedrag zie je voornamelijk bij de jongere deelnemers. Zo stierf in 2011 een 26-jarige deelnemer. Nochtans staat er een heel leger van goedgetrainde atleten klaar om hun plaats in te nemen. Alleen hebben zij nauwelijks de kans om aan starbewijzen te raken. De organisatie schiet zich dus in de eigen voet met deze strategie die zich voornamelijk richt op bedrijven. Al moet gezegd dat niets moeilijker te voorspellen is dan (potentieel) hartfalen. Getraind of ongetraind, het kan iedereen overkomen. Het slachtoffer nam overigens al voor de tiende maal deel, om maar te zeggen. Neemt niet weg dat er steeds getracht moet worden om de risico's voor de deelnemers zo beperkt mogelijk te houden. De 20km door Brussel in zijn huidige vorm is een loodzware wedstrijd in (te) moeilijke omstandigheden. 

Dat er dus iets moet veranderen aan deze formule is duidelijk. Er zijn tal van verbeterpunten. Organiseer de wedstrijd vroeger in het jaar of ergens in het najaar. De warmte is ieder jaar opnieuw de grote boosdoener. Prima dat je je als organisatie op bedrijven richt, maar ga dan voor een doorgedreven begeleiding. Werk in samenspraak met deze bedrijven trainingsschema's uit en zorg ervoor dat werknemers die willen deelnemen voldoende getraind zijn. 

woensdag 23 april 2014

De stem van de Kempen neemt afscheid van de radio

Was me dat even schrikken toen ik op mijn Facebook wall het bericht over het afscheid van Jos Willems zag verschijnen. Al mijn zintuigen stonden meteen op scherp. 'Joske' die denkt aan stoppen, no way. Daar moet meer aan de hand zijn was het eerste wat er in mij opkwam.

Westerlo kan zondag opnieuw, na twee jaar in het vagevuur van tweede klasse te hebben vertoefd, promoveren naar eerste nationale. De kraker tegen het nummer twee in de stand Eupen is al meer dan een week uitverkocht en staat mogelijk garant voor Hitchcock-achtige taferelen. Daar mag Jos Willems niet bij ontbreken zal menig voetbalfanaat het me eens zijn. Westerlo is immers ook een beetje zijn club.  Al denkt men daar aan de Reyerslaan heel anders over. Niet 'De Stem van de Kempen'-nee niet jij Natalia-zal verslag uitbrengen van deze wedstrijd maar wel 'vaste medewerker' Bert Sterckx. Niet dat ik ook maar één kanttekening wil plaatsen bij het metier  van Sterckx. Hij is momenteel zeker een van de betere verslaggevers die er op de VRT rondlopen. Maar Willems vervangen op Westerlo, neen dat is onmogelijk. Net zomin het voor Moyes onmogelijk was om Ferguson op te volgen in Manchester. Geen stem die zo mooi weergalmt in het Kuipke als die van Jos Willems.

Jos Willems zoals we hem kennen
Het is niet de eerste keer dat Jos Willems Vanaandezijlijn moet toekijken. Ook tijdens de bekerfinale van Westerlo nu drie jaar geleden werd Willems schromelijk aan de kant geschoven en was het Peter Vandenbempt die toen de honneurs waarnam. Die beslissing valt enigszins nog te begrijpen.  Ergens is het logisch dat vaste medewerkers voor zo'n belangrijke wedstrijd de voorkeur krijgen, al had Jos Willems het zeker niet slechter gedaan op zijn eigengereide en onnavolgbare manier. Dat Willems aan de kant wordt geschoven voor een wedstrijd in tweede nationale valt met geen pen te beschrijven. Tweede nationale, een reeks die zo schromelijk over het hoofd wordt gezien door de Belgische media.
 "Jos Willems is de Rik De Saedeleer van de radio"
Jos Willems is een waar fenomeen als mediafiguur, maar vooral ook als radiocommentator. Zijn passage in de Laatste Show en laatst nog bij Café Corsari was meer dan vermakelijke televisie. Maar de echte Jos Willems ontwaakt pas in zijn commentaarpositie in het Kuipke, overigens niet meer dan een houten harde tafel. Met zijn licht nasale stem en zijn aanstekelijk enthousiasme neemt hij de luisteraar keer op keer mee naar de wondere wereld van de sport en het voetbal. We mogen overigens niet vergeten dat Willems meer is dan louter een voetbalverslaggever. Als losse medewerker becommentarieert hij al 27 jaar lang overal ten velde minder bekende sporten als korfbal, motorcross...... Als de vaste medewerkers ergens geen zin in hadden dan ging die opdracht meestal naar Jos Willems. Een trouwe luitenant met zulke staat van dienst verdient beter dan klakkeloos gepasseerd te worden.

Oh la la la la la la la, wat gebeurt hier toch in het Kuipke. Deze woorden zullen jammer genoeg niet meer tot in uw huiskamer komen. Of toch niet met zoveel flair en volks enthousiasme. Jos, je beheerste als geen ander de kunst om een wedstrijd, die tactisch op slot zat, toch aangenaam te maken. Wanneer jouw stem mijn trommelvliezen bereikte was ik in verbeelding in het stadion, die sporthal in Hasselt of het crossterrein in Ertvelde. Deze gave is weinigen onder ons gegeven. Jos Willems is de Rik de Saedeleer van de radio. Willems was tactisch gezien misschien geen mastermind. Hij had het nooit over die box-to-box die uit positie liep. Tactische nonsens was aan hem niet besteed. Hij benaderde het voetbal op een volkse en toegankelijke manier en dat zullen we zeker missen op de radio. Godverdomme, waarom toch.

woensdag 8 januari 2014

Basic-Fit

Een van de onmiskenbare voordelen van een blogsite is de mogelijkheid om scherp je eigen mening te geven. Je kan hetgeen je dwarszit letterlijk van je af schrijven. Vandaag wil ik het hebben over Basic-Fit. U weet wel, die nieuwe discount fitnessketen in flashy oranje, die nu al enkele weken ons scherm teistert.

Basic Fit maakt onderdeel uit van de groep rond Health City. Een Nederlandse onderneming die al meer dan 30 jaar actief is in de wereld van fitness en healtchcare. Ook Fitness First behoort bijvoorbeeld tot diezelfde keten. Deze onderneming kende vooral de laatste 10 jaar een fikse groei. Om het bedrijf meer groeipotentieel te geven  werd in 2005 toenadering gezocht tot investeringsgroep Waterland, dat 50 procent van de aandelen in handen kreeg. Sindsdien staan de groeicijfers centraal. Zo werd in 2009 bijvoorbeeld Basic Fit overgenomen. Jaarlijks streeft het ernaar 15 clubs te openen in gans Europa. Met zijn 280 clubs verspreid over het hele continent is het de grootste fitnessketen in Europa. De focus ligt hierbij vooral op de BeNeLux, Spanje, Frankrijk en Duitsland.  De gehanteerde strategie is even simpel als geniaal. Bereik een zo groot mogelijke doelgroep en hou de kosten zo laag als mogelijk. Zo staat Health City bekend als het premium merk. Dit all inclusive pakket, dat om en bij de 50 euro per maand kost, omvat naast fitness ook de toegang tot enkele healthcare faciliteiten. Doelgroep hier is de brede middenklasse, die op zoek is naar comfort en daar best iets meer wil voor betalen. Met Basic-Fit wordt dan weer gemikt op de meer prijsbewuste consument. Pittig detail, in september van dit jaar kochten de oorspronkelijke oprichters opnieuw alle aandelen over van Waterland.  
"Met zijn 280 clubs verspreid over het hele continent is het de grootste fitnessketen in Europa"
Addertjes onder het gras
Toegegeven, bij Basic Fit is men niet over één nacht ijs gegaan bij deze plotse hemelbestorming. Al in 2011 was het bedrijf actief in België, maar maakte het amper reclame voor zijn activiteiten. Niet onlogisch aangezien BF toen slechts in 7 grote centrumsteden aanwezig was. Nu het zijn diensten over heel België kan aanbieden (80 vestigingen) is het tijd voor de grote doorbraak. De timing van de grootscheepse mediacampagne is goed gekozen. De eindejaarsperiode is doorgaans het moment van het jaar dat er goede voornemens worden gemaakt. Sporten en afvallen is er eentje die bij heel veel mensen bovenaan het lijstje staat. BF speelt daar nu dus handig op in. Een maandabonnement kost 15,95 euro. Voor dit bedrag kan ook de rest van het gezin aan de slag. Veel service hoeft u alvast niet te verwachten. De fitnesszaken zijn sober ingericht, het interieur oogt bijzonder strak en de dienstverlening wordt tot een minimum beperkt. Van een gratis proefles heeft men bijvoorbeeld nog nooit gehoord. Wie wil komen fitnessen moet meteen een jaarcontract afsluiten. Pech als je na een maand tot het besef komt dat dit toch niet helemaal je ding is. Wie wil genieten van de gunstige promotie (15,95) moet meteen het hele jaar vooruit betalen. Voor een maandelijkse domiciliëring rekent men 2 euro extra. Wil je trainen onder deskundige leiding van een fitnesscoach, iets wat bij andere fitnessketens standaard in de prijs begrepen is, dan betaal je daar maandelijks 5,95 extra voor. Opzeggen kan pas een maand voor je jaarcontract afloopt middels een aangetekend schrijven. In het andere geval wordt je abonnement stilzwijgend verlengd. Per ongeluk je kaart kwijt gespeeld? Pech dat kost je dan 15 euro.  En er zijn wel meer zo'n addertjes onder het gras. Wie zich bijvoorbeeld verheugt op een stevige workout tijdens een feestdag is eraan voor de moeite. De ketens zijn dan gesloten om kosten te besparen. Hoorde ik daar iets over een efficiënte en effectieve organisatiestructuur? Ook in het weekend kan je in de meeste zaken maar van 9-16 uur terecht. Nog straffer is dat enkel de vestiging in Anderlecht door de week 24/24 geopend is. Van discriminatie gesproken. Waarom kan dit dan niet in pakweg Hasselt of Herentals? Juist ja, kostenefficiëntie. 

Basic-Fit claimt uniek in zijn soort te zijn. De Ryanair van de fitness wordt wel eens gezegd. Of BF eenzelfde revolutie kan ontketenen dan O'Leary en de zijnen valt nog af te wachten. Wie 15 jaar geleden beweerde dat men vandaag de dag voor 50 euro op en af naar Barcelona kan vliegen werd voor gek verklaard. Et voila, vandaag kan het. Maar zitten we hier eigenlijk wel op te wachten? Wie intekent bij BF is vooral op zichzelf aangewezen. Geen professionele coach die je steunt als het wat minder gaat. Geen aanpassing van je schema wanneer je toch net iets te veel hooi op je vork neemt.  Het hangt er dan maar net van af hoe gemotiveerd je bent om die kilo's te verliezen of in vorm te raken. Je kan dan wel gratis gebruik maken van een virtueel coachingsprogramma en app, maar er gaat toch niets boven echt menselijk contact als je het mij vraagt. Laat ons hopen dat de komst van BF een verdere democratisering van de sector in gang kan zetten. In veel fitnesszaken betaal je al gauw 40 tot 50 euro voor een maandabonnement.  Dat is in tijden van crisis voor veel mensen een struikelblok.  Je kan natuurlijk ook nog gewoon je loopschoenen aanbinden en een eindje gaan joggen. Minstens zo efficiënt en het gebruik van de wegen is vooralsnog helemaal gratis.

x

dinsdag 17 september 2013

Overconsumptie

Het aanbod sport op TV kende een stevige groei de laatste jaren. Wie dat wil kan vrijdagavond na het werk in de zetel ploffen om er pas maandag opnieuw uit te komen. In die tussentijd kan genoten worden van heel wat lekkers, zoals topvoetbal uit de Premier League, La Liga, de Bundesliga, Eredivisie. 

De passieve sportfanaat wordt met de opkomst van de digitale televisie stevig verwend. De tijden dat Canal+ in de jaren negentig maar een beperkt aantal voetbalwedstrijden uitzond liggen al een tijdje achter ons. Canal+ werd omgedoopt tot Prime TV en Sporting Telenet. Van de Belgische competitie hoeft u geen seconde te missen. U kan kijken naar topwedstrijden zoals Anderlecht-Club Brugge of Genk-Standard. Voelt u daarentegen meer sympathie voor de underdog,  dan kan u genieten van Bergen-Waasland Beveren of Cercle Brugge-OH Leuven. En de echte fanaat kijkt de gemiste wedstrijden toch gewoon in uitgesteld relais. Of misschien voelt u ook wel die onweerstaanbare drang om net als Johan Boskamp te kijken naar de WK-kwalificatiewedstrijd Oezbekistan-Jordanië? Laat u dan vooral niet tegenhouden. Keek men vroeger louter naar de samenvattingen dan is het nu bon ton om zoveel mogelijk wedstrijden te bekijken, om vervolgens haarfijn een mening te ventileren op talloze fora. U moest maar eens net die ene actie gemist hebben van Hazard of Neymar.
"Een nog groter gevaar hierbij is de teloorgang van de sociale functie van het voetbal. We kijken immers liever in huiselijke kring naar topwedstrijden dan dat we 10 euro neertellen om de plaatselijke voetbalclub te ondersteunen."
De kwalijke evolutie om zowat alles uit te zenden waar een bal en 22 mannen, of vrouwen, bij betrokken zijn moeten we allerminst toejuichen. Een oppervlakkig bestaan, waarbij alles in het teken staat van het voetbal, loert om de hoek. Een nog groter gevaar hierbij is de teloorgang van de sociale functie van het voetbal. We kijken immers liever in huiselijke kring naar topwedstrijden dan dat we 10 euro neertellen om de plaatselijke voetbalclub te ondersteunen. Zonder dit maatschappelijke draagvlak heeft het voetbal nog weinig bestaansrecht. Voor 14,95 in de maand kijk je bij Telenet of Belgacom naar alle mogelijke wedstrijden. Je zou wel gek zijn om nog naar het stadion te trekken. De passieve 'couchsupporter' haalt meer en meer de bovenhand. Leuk meegenomen hierbij is dat u voortaan uw gezin kan combineren met uw passie. Nogmaals u zou wel gek moeten zijn om de warme huiskamer te ruilen voor een stoffige koude tribune, waar u bovendien nog eens 2 euro neertelt voor een pintje. 

                                       
Toen ik vorige week doorheen de krant bladerde viel mijn oog op een jobadvertentie voor voetbalcommentator nota bene. De jobomschrijving luidde  als volgt. "Heeft u een passie voor voetbal en een aangename stem, neem dan zeker contact met ons op". Wijlen Rik De Saedeleer moet zich ongetwijfeld als zeven keer hebben omgedraaid in zijn graf. Even voelde ik de drang om te solliciteren, maar dat kan ik de mensheid niet aandoen. Hoewel ik zelden voetbal kijk op TV gebeurt het af en toe wel eens dat ik blijf hangen bij een wedstrijd, zoals laatst tijdens België U21-Noord-Ierland U21. De commentator van dienst verbaasde zich over het feit dat God Save the Queen weerklonk, ipv het Noord-Ierse volkslied. Dan heb ik nog weinig zin om verder te kijken. Een voetbalcommentator is in mijn ogen een vat vol wijsheid, iemand met bakken levenservaring en een brede algemene kennis. Bij voorkeur heeft deze persoon ook een verleden in het voetbal. Zo kan ik bijvoorbeeld ontzettend genieten van een programma als Match of the Day op BBC. Het is een genot om Gary Lineker bezig te zien in zijn natuurlijke habitat, omringd door analisten die stuk voor stuk hun sporen verdiend hebben in het Britse voetbal.  Geen betere manier om wakker te worden op zondag dan een herhaling van MOTD, neem het van mij aan. Een doorn in het oog van Sky Sports, maar een zegen voor de echte voetballiefhebber. Ook het warme enthousiasme van John Motson kan me nog steeds bekoren. Laat ons hopen dat hij zijn pensioen nog een tijdje uitstelt.

Wie elke dag dineert in een toprestaurant neemt na een tijdje geen genoegen meer met een simpele afhaalmaaltijd bij de Chinees. Mediabedrijven als NBC en Sky Sports krijgen krijgen meer en meer invloed op het voetbal. Zo bepalen zij de aanvangstijden van de wedstrijden. Dit leidt bijvoorbeeld tot wedstrijden op zondagavond. Real Madrid-Barcelona programmeren op zondagavod 10 uur, hoe verzin je het. Geef het voetbal terug aan het volk. Maar dat zal voor eeuwig en altijd een utopie blijven, aangezien clubs niet meer kunnen overleven zonder televisiegelden. 

woensdag 28 augustus 2013

Armstrong

Als het van het Amerikaans antidopingagentschap USADA afhangt verliest Armstrong zijn 7 behaalde eindzeges in de Tour de France. Of hoe de uitwassen van het epo-tijdperk zich louter tegen Armstrong hebben gericht. 

Dat Armstrong geen heilig boontje zal zijn geweest in de periode dat hij de Tour monopoliseerde hoeft waarschijnlijk geen duiding. Het zou van bovennatuurlijke krachten getuigen moest het tegendeel waar zijn. Basso, Ulrich, Mancebo, Klöden, ze hebben allemaal één ding gemeen. Allemaal hebben ze boter op het hoofd. Sommigen waren zo eerlijk om hun schuld te bekennen en boete te doen (Basso), anderen kozen dan weer voor een rol als spijtoptant (Leipheimer) en nog anderen kozen ervoor om te blijven zwijgen (Klöden), hoewel die laatste meermaals voorkomt in het klantenbestand van dopinggoeroe Fuentes. 

Meesters der uitvluchten
Normalerwijze ben je in de reguliere rechtsgang pas schuldig als dit effectief kan worden bewezen. Het vermoeden van onschuld geldt evenwel niet in de sportwereld. Wie positief test op doping dient zelf de bewijzen te leveren over hoe de verboden substantie in het lichaam is terecht gekomen. Dat leverde al gekke verhalen op. Tyler Hamilton, die betrapt werd op bloeddoping in de Vuelta van 2004, kwam met het absurde verhaal dat zijn positieve test het resultaat was van een ongeboren tweelingbroer in zijn lichaam. Wat natuurlijk op hoongelach werd onthaald binnen de wielrennerij. Contador wees dan weer met een beschuldigende vinger naar een vervuild stuk vlees. Maar ook in de atletiek beschikt men over de nodige dosis verbeeldingskracht. Le Shawn Merrit kon niet anders dan concluderen dat zijn positieve plas het gevolg was van de inname van een penisverlengend product. 

Sleutelrol voor Novitsky
Dat het USADA zijn intifada louter op Armstrong lijkt te richten is geen toeval. Het Amerikaans antidopingagentschap kreeg vaak het verwijt al te laks om te gaan met de dopingproblematiek. Zo maakte het agentschap geen al te goede beurt in de Balco-affaire. Een dopingzaak die in 2003 aan het licht kwam en een bom legde onder de Amerikaanse atletiek. Klokkenluider van dienst was toen onderzoeksagent Jeff Novitsky. De klokkenluider in deze zaak is diezelfde Novitsky, die zich lijkt te hebben vastgebeten in deze zaak. Feit is dat Armstrong zich gedurende heel zijn professionele loopbaan onaantastbaar heeft gevoeld. Hij gedroeg zich als een echte zonnekoning en dat stuitte op veel onbegrip bij mensen die daar niet mee om kunnen. Dat Armstrong zich lijkt neer te leggen bij de huidige gang van zaken geldt voor velen als een schuldbekentenis. Armstrong is zijn hele leven een vechter geweest. Voor zijn ziekte, tijdens zijn ziekte en vooral ook na zijn ziekte. Dat hij nu de strijdbijl begraaft strookt dus niet met het beeld dat we van Armstrong hebben. Puur uit menselijk standpunt valt het wel te begrijpen. Armstrong sleepte zich de voorbije jaren van proces naar proces. Dat weegt op een mens.  
"Armstrong gedroeg zich als een echte zonnekoning en dat stuitte op veel onbegrip bij mensen die daar niet mee om kunnen."

Maar Armstrong heeft gedurende heel zijn leven geen detail over het hoofd gezien. Het bataljon advocaten zal Armstrong ook al wel hebben ingelicht over het feit dat het USADA niet zomaar de bevoegdheid  heeft om zijn tourzeges af te nemen. Het UCI heeft hier een bepalende rol en die lijkt eerder geneigd om de zaak te laten rusten in het belang van het wielrennen. Een zoveelste dopingschandaal kan het UCI momenteel missen als kiespijn.  Het UCI ziet ook verder dan dat. Wat zijn de alternatieven? Ulrich die drie keer de Tour wint. Basso? Klöden? Het zou de geloofwaardigheid van deze sport nog meer aantasten. Als wiellerliefhebber kan ik best vrede nemen met het feit dat Armstrong 7 keer de Tour heeft gewonnen. Hij was zijn concurrenten ver vooruit in zijn maniakale manier van trainen, zijn opofferingen, het kleine verzet dat hij ronddraaide als was het een koffiemolen. Armstrong was gewoon de beste van zijn generatie. Met of zonder doping. 

maandag 18 februari 2013

Bart Swings

Rondje 30 hoog of rondje 31 laag. Het was even onwennig met de ogen knipperen toen ik gisteren( zondag 17 feb red.)kennis maakte met de terminologie in de schaatswereld. Die aangewakkerde interesse heeft alles te maken met de knappe prestaties van onze landgenoot  Bart Swings op het WK Allround in Noorwegen. Swings pakte zowaar brons. Een unicum voor ons land.

Schaatsen is in Nederland wat het veldrijden voor Vlaanderen is.  Er valt dan ook goed geld te verdienen in de schaatssport boven de Moerdijk. Ook hier kunnen we de vergelijking met het veldrijden doortrekken. In Vlaanderen zijn een vijftal teams op professionele basis met het veldrijden bezig en staan er tig projecten in de stijgers. In Nederland regeert de TVM-ploeg al jaar en dag het schaatsen. Met Sven Kramer heeft het dan ook de beste schaatser op de lange baan in de rangen. Kramer is god in Nederland. Een griepje of een kleine blessure van de man en het land staat in rep en roer. Laat het nu net die Nederlandse trots zijn die Bart Swings het vuur aan de schenen wist te leggen. Op de afsluitende 10km van het WK allround eindigde de bedeesde Belg op amper 5 hondersten van dit instituut. Het toont de klasse van Bart Swings, van oorsprong een skeeleraar. 
" Kramer's team draait op een budget van meer dan 2 miljoen euro. Het budget van Swings valt daarbij in het niets." 
Swings is nu een drietal jaar actief in het schaatsen. De progressie die hij maakte is opmerkelijk. Hoewel het skeeleren aanleunt tegen het schaatsen heeft Swings het vooral op technisch vlak nog bijzonder lastig. Een euvel waar coach Bart Veldkamp hem al een deel in bijgestuurd heeft.  Bart ontdekt het schaatsen al spelenderwijs en staat qua omkadering ten opzichte van Kramer nog nergens. Kramer's team draait op een budget van meer dan 2 miljoen euro. Het budget van Swings valt daarbij in het niets. Tot vorig jaar stond dit übertalent nog grotendeels zelf in voor de gemaakte kosten. Daar kwam sinds vorig jaar (terecht) verandering en geniet hij nu van een bescheiden tussenkomst van Bloso in de kosten. 

Persoonlijk volg ik Swings al vanaf het moment dat hij zijn eerste pasjes zette in de schaatswereld ruim drie jaar geleden. Ik weet nog dat ik het bijzonder moedig vond dat hij zich op die manier letterlijk op glad ijs begaf. De bagage die Swings opdeed in het skeeleren lijkt nu van goudwaarde te zijn. De alternatieve trainingen die Swings gedurende al die jaren deed lijken ook de ijsbaan zijn vruchten af te werpen. Zo gaat Swings nog elke zondag naar zijn skeelerclub, waar hij zelf training geeft en zich amuseert met de skeelers in een klein achterafzaaltje. Een profbestaan is voorlopig nog niet weggelegd voor  Swings. Al wil hij dat vooral zelf niet en concentreert hij zich op zijn studies. Het toont meteen zijn nuchterheid. De voorbereidingen op het WK allround bracht hij dan ook voor een groot gedeelte door achter de studieboeken. Het maakt zijn prestatie des te opmerkelijker. De Nederlanders zijn alvast helemaal weg van die gekke Belg uit het skeeleren. 

Trainingsfasciliteiten

Maar hoe kan het in hemelsnaam dat iemand die nog maar twee jaar op de schaatsen staat zo snel komt aanleunen bij de wereldtop? Ook hier gaat de vergelijking met het veldrijden op. Hoewel schaatsen mondiaal een stuk verder staat dan het veldrijden leidt ook deze sport aan bloedarmoede. Zo was Noorwegen tot voor kort wereldtop in het schaatsen en was het er een van de belangrijkste wintersporten. Het voorbije decennium kende het langlaufen en biathlon er een steile opmars. Schaatsers met potentieel stapten massaal over waardoor Noorwegen een tijd verstoken bleef van iternationale successen. Al komt daar de laatste jaren opnieuw verandering in met de prestaties van Bokko, de eeuwige tweede achter Kramer, en de jonge Pedersen. De randvoorwaarden die vervuld dienen te worden spreken dan ook niet in het voordeel van deze sport. Een schaatsbaan met olympische afmetingen kost een fortuin. Om een idee te geven. Nederland heeft er een in Eindhoven, in Groningen, een overdekt in Enschede en natuurlijk het wereldbefaamde Thialf in Heerenveen. In België zijn die faciliteiten onbestaande. Wie wil gaan hardlopen heeft daar buiten een paar loopschoenen niet veel voor nodig. Dat maakt dat de concurrentie bij pakweg atletiek een pak hoger ligt. Bij het schaatsen ligt dat heel anders. Het plaatst de prestaties van Swings in een zeker perspectief. Maar we moeten er niet flauw over doen. Wat Swings in Noorwegen liet zien was pure klasse. De Sportman van het Jaar is wat mij betreft al bekend. Het zou meteen een geweldige boost betekenen voor de schaatssport in ons land. De bouwplannen voor een ijsstadion mogen wat mij betreft gerust worden ingediend. Misschien eens een telefoontje plegen met Bart Verhaeghe?